Acht dagen fietsen door Frankrijk — van de Noordzee tot de Middellandse Zee
← Terug naar alle uitstappenIn 1989 was er een nieuwe uitdaging uitgetekend — de legendarische Mont Ventoux in het parcours opnemen. Dus vertrokken we weeral vanuit Beselare richting het zuiden voor 8 dagen fietsplezier met als uitdaging de beklimming van de Mont Ventoux.
We reden door Frankrijk langs zeer variërende en pittoreske streken: de champagnevelden van de Marne, de Bourgondische wijnstreken, de uitgedoofde vulkanen van de Auvergne, het bijzondere Le Puy-en-Velay, de Rhônevallei, en uiteindelijk de Provence. De finale was de beklimming van de Reus van de Provence via Malaucène — 21 kilometer aan gemiddeld 7,5% — waarna we afdaalden naar de Middellandse Zee in Marseille.
| Etappe | Route | Afstand | Klimmen |
|---|---|---|---|
| Dag 1 | Beselare → Compiègne | 204 km | +1.434 hm |
| Dag 2 | Compiègne → Nemours | 165 km | +1.417 hm |
| Dag 3 | Nemours → Bourges | 167 km | +1.517 hm |
| Dag 4 | Bourges → Clermont-Ferrand | 189 km | +2.078 hm |
| Dag 5 | Clermont-Ferrand → Le Puy-en-Velay | 134 km | +2.240 hm |
| Dag 6 | Le Puy-en-Velay → Valence | 152 km | +3.205 hm |
| Dag 7 | Valence → Bollène | 158 km | +2.910 hm |
| Dag 8 | Bollène → Mont Ventoux → Marseille | 211 km | +4.136 hm |
De eerste rit tot in Compiègne loopt langs lichtgolvende, rustige wegen door Les Hauts de France. Enkele achtergebleven terrils getuigen van een rijk verleden van steenkoolontginning. Verderop rijden we door een uitgestrekte landbouwstreek waar ze hier en daar een dorp ingeplant hebben. Zo bereiken we uiteindelijk ons hotel Campanile in Compiègne.
Een achtergebleven terril in het noorden van Frankrijk — stille getuige van een rijk mijnverleden.
Forêt de Compiègne — het immense woud rond de koningsstad.
Na een goede nachtrust en een stevig ontbijt beginnen we aan onze tweede rit van Compiègne naar Nemours, toch weeral goed voor 165 kilometer. Dus de ganse dag op een boogscheut van Parijs — wat te merken is aan het toch drukker verkeer.
Château-Musée de Nemours — een imposant kasteel aan de rand van de stad.
Een stukje lekkere Brie — in de streek van Melun, thuisbasis van de echte Brie de Meaux.
Op dag 3 opnieuw 167 lastige golvende kilometers tot in Bourges. Bourges is een departementale hoofdstad (Cher) met ongeveer 65.000 inwoners. Het heeft een prachtige kathedraal. In de omgeving van Bourges zijn er veel mooie fietsroutes in een groen decor.
Canal du Berry bij Bourges — een rustiek kanaal in een groen decor.
Kathedraal Saint-Étienne in Bourges — UNESCO-werelderfgoed.
Rit 4 leidt ons naar Clermont-Ferrand, hoofdstad van de Auvergne. De stad met zijn kathedraal in lavasteen ligt midden een zone van de gekende Puys, uitgedoofde vulkanen die het landschap overheersen. De meest bekende is de befaamde Puy de Dôme, 1.465 meter hoog, waar menig spannende wielergeschiedenis geschreven werd.
De Puy de Dôme (1.465 m) — de meest bekende van de uitgedoofde vulkanen.
De kathedraal van Clermont-Ferrand gebouwd in lavasteen — uniek in zijn soort.
Op dag 5 rijden we meer richting oosten naar de Rhônevallei toe. De vijfde rit is de kortste van de week, slechts 134 kilometer tot in Le Puy-en-Velay. De omgeving wordt gekenmerkt door rode rotsen die boven het landschap uitsteken — vulkanische pluggen. Op één ervan (130 meter hoog), in het centrum van Le Puy-en-Velay, staat het standbeeld van Notre-Dame de France, 23 meter hoog. Via een wenteltrap binnenin het beeld kan je tot bovenin komen. Het fenomenale uitzicht maakt de klim meer dan de moeite waard.
Notre-Dame de France — 130 meter hoog op een vulkanische plug boven Le Puy-en-Velay.
De vulkanische rotsen van Le Puy-en-Velay — een uniek landschap.
Vandaag krijgen we een lastige rit voorgeschoteld. Het klimt gestaag van 500 naar 1.350 meter gedurende de eerste 50 kilometer, met de laatste 8 kilometer de Col du Pranlet (gemiddeld 3,6%). We bevinden ons hier in de omgeving van de Gerbier de Jonc (1.551 m) waar zich de bron van de Loire bevindt — een waterscheidingslijn tussen de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee. Van hier is het 100 kilometer licht naar beneden, tot aan de boorden van de Rhône in Valence.
Source de la Loire — hier begint de langste rivier van Frankrijk.
Col du Pranlet — de laatste beklimming voor de afdaling naar de Rhône.
Ook de zevende rit belooft pittig te worden. We verlaten Valence, steken de Rhône over en komen onmiddellijk in de uitlopers van de Ardèche terecht. In Privas beginnen we te klimmen naar de Col de Bénas (795 m). Eenmaal voorbij dalen we naar Bollène. Een heel mooie rit met bijna de ganse dag zicht op de Rhônevallei met zijn land-, tuin- en wijnbouw. Over de ganse dag hadden we bijna 3.000 hoogtemeters.
Col de Bénas (795 m) — klimschema vanuit Privas.
Een wijndorp langs de Rhône — de wijnbouw domineert het landschap.
Goed uitgeslapen beginnen we aan onze achtste en laatste rit. Iedereen van de groep had nog nooit de Mont Ventoux beklommen. We zijn nog maar pas vertrokken of we kunnen de Reus van de Provence reeds zien liggen. De top ligt immers op 1.909 meter hoogte.
Het weer blijft gunstig — zon maar niet te warm. Eenmaal boven, waar iedereen zonder al te veel problemen geraakt is, genieten we van de prachtige vergezichten. De Mont Ventoux ziet er de laatste zes kilometer uit als een maanlandschap. Onderweg passeren we het monument van wielrenner Tom Simpson, die op deze berg als wereldkampioen gestorven is. Via Châlet Reynard en Bédois rijden we verder naar het zuiden, door de Vaucluse naar de Provence. Af en toe nog een “puistje” zoals de Col de Murs (627 m) en de Col du Pointu (502 m). Na meer dan 200 kilometer komen we aan de Middellandse Zee in Marseille — eindbestemming van deze heel mooie uitstap.
Le Mont Ventoux — de Reus van de Provence, 1.909 meter hoog.
Col de Murs (627 m) — één van de “puistjes” op de weg naar Marseille.
Download de GPX-routes om ze te laden in je GPS-toestel of fietscomputer.